Gesprekken/Spreken
Het accent in de leerlijn Gesprekken en Spreken ligt op gesprekken voeren in de klas met leeftijdsgenootjes en met de leerkracht. In deze gesprekken wordt informatie en kennis uitgewisseld, instructie gegeven, worden meningen gevormd en ruzies beslecht.

De nieuwkomer moet met de leerkracht een gesprek kunnen voeren over welke opdracht hij moet maken, op welke manier, en over de thuissituatie. Het gaat hier om typische 'school'gesprekken. Voor succes in het reguliere basisonderwijs is vaardigheid in dit soort gesprekken van groot belang. Daarnaast moet de nieuwkomers ook allerlei gesprekken buiten school voeren, op straat, in winkels, met buren, met ouders van vriendjes en dergelijke.

Om gesprekken te voeren is het kennen van woorden en ze productief gebruiken zeer belangrijk. Woordenschatontwikkeling is dus een belangrijke voorwaarde voor Gesprekken en Spreken, daaraan moet veel aandacht besteed worden. Daarnaast zijn ook de Bouwstenen taal  (klankvorming en woord- en zinsvorming) erg belangrijk om leerlingen te leren verstaanbaar te spreken.